Het klimaatakkoord is getekend. Dat gaat ons kleine kikkerlandje miljarden kosten die wij – de hollanders – moeten ophoesten. En dan vraag ik me toch iets af. Hoe bereken je zoiets? Dat we ervoor moeten zorgen dat de wereld een beetje schoner wordt, dat staat buiten kijf. Hoe je dat echter voor elkaar krijgt is een heel ander verhaal. Dat lukt zeker niet met het klimaatakkoord wat er nu ligt. In een fractie van een paar seconden is de wereld een stukje meer vergiftigd door het uitbarsten van 2 vulkanen. En wie er ook wat verzint, en hoeveel geld we er ook tegenaan gooien, hier kan niemand iets aan veranderen.
Wat kunnen wij zelf aan een iets schonere wereld doen?
Eerst maar eens beginnen met wat minder plastic produceren. Voor de dagelijkse boodschappen hoef je geen plastic tasjes te gebruiken. Een linnen tasje dat je elke maand een keer met de was laat meedraaien werkt prima. Al die plastic weggooi frutsels van de Action, die kunnen we best op de schappen laten staan. Dat geldt ook voor de goedkope troep die in dikke lagen plastic wordt verzonden vanuit China. Ieder nadenkend mens kan op zijn 2 vingers natellen dat een pakje van 1 euro, dat gratis wordt verzonden onmogelijk winst kan opleveren voor producent en verzender. Dus als wij nou eens verstandig worden en die troep niet langer kopen, dan kan onze post misschien wat goedkoper worden. Dat scheelt weer een aantal vliegtuigen per dag die niet hoeven vliegen. Jahaa, ik weet het: niet iedereen heeft geld om duur in te kopen, maar goedkoop is uiteindelijk altijd duurkoop. Ook 1 euro is weggegooid geld als je aankoop binnen de kortste keren kapot gaat.
De manier waarop dit klimaatakkoord ons door de strot wordt geduwd, is beneden alle peil. Het verheven opgeheven vingertje van een van de kleinste landen ter wereld begint op mijn zenuwen te werken.
15 miljoen mensen op dit hele kleine stukje aarde willen best meewerken aan een betere wereld, maar niet ten koste van onze manier van leven. Want als je de essentie van ons leven afpakt, dan heb je binnen de kortste keren anarchie. Belasting betalen voor een veilige leefomgeving of zorg voor de ouderen en gehandicapten, dat willen we allemaal. Belasting betalen voor landen die keer op keer bewezen hebben dat ze het niet waard zijn omdat ze zelf niets willen? Nee, helaas, daar willen wij niet langer aan meewerken.
En je vraagt je misschien af waarom ik het heb over 15 miljoen en niet over 17 miljoen mensen?
Omdat de laatste 2 miljoen geen kaas hebben gegeten.
Jongeren weten niet beter en vinden het heel normaal om uren achtereen op het internet door te brengen. Even snel contact met je vrienden en vriendinnen. Even snel je mening geven over een bepaalde topic. Soms anoniem te keer gaan tegen wat jij als onrecht beschouwd.
Ouderen daarentegen die niet zijn opgegroeid met de computer hebben vaak een aangeboren hekel aan alle moderne gadgets. Ze willen eigenlijk niet meedoen aan de snelle moderne maatschappij en hebben toch liever mens-op-mens contact. Maar aan de andere kant kan facebook ook je geliefden dichterbij brengen. En als je eenmaal via het computerscherm je kleinkinderen aan de andere kant van de wereld hebt gezien, ga je algauw overstag.
Dan blijft er nog een groep over die echt niets wil weten van al die moderne zaken. Waar blijven zij als je min of meer verplicht wordt te leren met computer om te gaan omdat de overheid je geen andere keuze meer laat. Een digi-d heb je nodig voor je jaaropgaven, de belastingdienst, of afspraken met het gemeenteloket. Ik heb menig oudere gezien die worstelde met het aanvragen van zorg en toeslagen. En juist deze mensen hebben dit zo hard nodig.
We hebben hier met een groep van 14 hollandse vrouwen van 50 – 70 jaar, een hele discussie gehad over discriminatie. Wat blijkt?
Wij schijnen niet te discrimineren op afkomst, huidskleur, sekse, seksuele voorkeur, leeftijd, handicap of ziekte, religie of intelligentie. Wij hebben over het algemeen de instelling dat wat je achter je eigen voordeur doet, niemand iets aangaat, tenzij je iemand lichamelijk letsel toebrengt. Dus je mag wat ons betreft elk geloof aanhangen, als tarzan en jane aan de chandelier hangen of naakt door het huis banjeren, zo dom zijn als het achtereind van een varken, of superintelligent zijn en er nog niets van snappen.
Maar wij trekken wel degelijk een streep. Zodra iemand voor overlast zorgt is voor ons de grens snel bereikt.
Wij houden niet van diefstal en inbraak en vandalisme: blijf met je poten van andermans spullen af! Wij houden niet van smeerlapperij: houdt de straten schoon (dus ook geen hondenpoep), niet alle graffiti is kunst, wildplassen is voor kleine kinderen, niet voor volwassenen, en breng je oude zooi gewoon zelf naar de gemeentereiniging. Wij houden niet van kleineren, bewust kwetsen of iemand zwart maken, seksuele intimidatie, of van mishandeling: nee is nee, en blijf met je poten van andermans lichaam af! Wij houden best van gezellige buurtfeestjes, maar niet elk weekend met knetterharde head-banging muziek.
Over het algemeen zijn wij redelijk tolerant. Maar weet je waar we allemaal een hekel aan blijken te hebben?
Arrogant gedrag, drammerig en ongeduldig zijn, je beter voordoen dan je bent, altijd maar het slachtoffer uithangen, altijd kritiek hebben op anderen, het altijd beter willen weten, de waarheid verdraaien, je superieur voelen aan het andere geslacht, ikke, ikke, ikke, bemoeizuchtig zijn, anderen jouw mening opdringen.
Wil dit zeggen dat wij niet discrimineren? Ja wel hoor, wij discrimineren wel degelijk: wij hebben een verschrikkelijke hekel aan asociaal gedrag.
Bij de kassa van een supermarkt stelt de jonge caissière mij voor, dat ik voortaan mijn eigen boodschappentas meebreng, in plaats van een plastic tas te kopen. “Want plastic tassen zijn niet goed voor het milieu”, zo zegt ze. Ik verontschuldig me en leg haar uit: “Wij hadden dat groene gedoe niet toen ik jong was!” De caissière antwoordt: “Ja, en dat is nou juist ONS PROBLEEM vandaag-de-dag: JULLIE generatie maakte zich niet druk om het milieu te sparen voor de toekomstige generaties!”
Ze heeft gelijk, onze generatie had dat groene gedoe niet in onze dagen.
Toen hadden we melk in flessen, frisdrank in flessen en bier in flessen, die we leeg en omgespoeld terug brachten naar de winkel. De winkel stuurde deze dan terug naar de fabriek en in de fabriek werden deze flessen gesteriliseerd en opnieuw gevuld. Wij deden echt aan recycling.
Maar we deden niet aan dat groene gedoe in die tijd!
Wij liepen trappen, omdat we niet over roltrappen en liften beschikten in elk gebouw. Wij liepen naar de supermarkt en verplaatsten onszelf niet iedere keer in een 200 PK machine, als we 2 blokken verder moesten zijn.
Maar ze heeft gelijk: wij hadden dat groene gedoe niet in onze tijd!
Baby luiers gingen in de kookwas, omdat wegwerpluiers niet bestonden. We droogden onze kleren aan de lijn en niet in een energieverslindende machine die continu 220 volt verbruikt. Wind- en zonnen energie droogden onze kleren echt – vroeger, in onze dagen. Kinderen droegen de afdankertjes van oudere broers en zussen en kregen geen gloednieuwe kleren.
Maar de jonge dame heeft gelijk! Wij hadden dat groene gedoe niet in onze tijd.
In die tijd hadden we – misschien – één tv of radio in huis en niet een op elke kamer. De tv had een klein schermpje, ter grootte van een zakdoek en niet een scherm ter grootte van een kamerwand. In de keuken werden gerechten gemengd en geroerd met de hand, omdat we geen elektrische apparaten hadden die alles voor ons deden. Wanneer we een breekbaar object moesten versturen per post, dan verpakten we dat in een oude krant ter bescherming en niet in piepschuim of plastic bubbeltjes folie. In die tijd gebruikten we geen motor maai apparaat op benzine als we het gazon maaiden. We gebruikten een maaier die geduwd moest worden en functioneerde op menselijke kracht. Wij sportten door te werken, zodat we niet naar een fitnessclub hoefden te gaan om op ronddraaiende loopbanden te gaan rennen, die werken op elektriciteit.
Maar ze heeft gelijk. Wij hadden dat groene gedoe toen niet.
Wij dronken uit de kraan wanneer we dorst hadden, in plaats van uit een plastic fles, die na 30 slokken wordt weggegooid. Wij vulden zelf onze pennen met inkt, in plaats van elke keer een nieuwe pen te kopen. Wij vervingen de mesjes van een scheermes, in plaats van het hele ding weg te gooien alleen omdat het mesje bot is.
Maar, wij hadden dat groene gedoe niet in onze tijd.
Mensen namen de trein of een bus en kinderen liepen of fietsten naar school in plaats van hun moeder als 24-uurs taxi servicedienst te gebruiken. Wij hadden 1 stopcontact per kamer en niet een heel arsenaal aan stekkerdozen en verlengsnoeren om een dozijn apparaten van stroom te voorzien. En wij hadden geen geautomatiseerde gadgets nodig om een signaal op te vangen van een satelliet die 2.000 mijl verderop in de ruimte hing, zodat we contact konden leggen met anderen om uit te vinden waar de dichtstbijzijnde pizzatent zich bevindt.
Maar is het niet in-en-in triest dat de huidige generatie klaagt over hoe verspillend wij ‘oudere mensen’ waren, gewoon omdat wij ‘dat groene gedoe’ niet hadden in onze tijd?
Meten met 2 maten is een gezegde dat je tegenwoordig weer veel hoort. Als jij als rechtgeaarde Hollander iets doet wat niet door de beugel kan, kan je daarvoor gestraft worden. En soms zijn de straffen niet mals. Als jij als links georiënteerde Hollander iets doet wat niet mag, dan mag je een cursus woedemanagement gaan volgen. Als de allochtoon iets heeft uitgehaald – wat vaak nog vele malen erger is – dan wordt het afgedaan met nietszeggende bewoordingen ’als in de war’ of ‘daar kan hij niets aan doen’ en zelfs de ‘suikerpatiënt’ wordt als argument gebruikt om maar aan straf te ontkomen.
Ongelijkheid valt tegenwoordig wel heel erg op.
Hoe wrang is het als jij jaren op de wachtlijst staat voor een kamer of een huis, en de allochtoon die hier net gearriveerd is, krijgt een eengezinswoning aangeboden, waar ze zelfs niet eens tevreden mee zijn. Hoe wrang is het dat onze ouderen eenzaam voor zichzelf moeten zorgen, terwijl gelijktijdig de thuiszorg omvalt wegens bezuinigingen. Hoe wrang is het dat steeds meer families afhankelijk zijn van de voedselbank, terwijl dagelijks bergen voedsel worden weggegooid. Hoe wrang is het dat een gepensioneerde vrouw 4 maanden de gevangenis in moet voor het stelen van eten omdat ze vergaat van de honger. Hoe wrang is het dat miljarden van ons belastinggeld naar het buitenland gaan en tegelijk onze ziekenhuizen omvallen omdat er geen geld voor is.
Waar komt die ongelijkheid vandaan.
Wie heeft bepaald dat de inwoners van ons land, de hardwerkenden die belasting betalen, geen recht van inspraak meer hebben. Welke onnadenkende heeft het voor elkaar gekregen om verdragen te tekenen die de ondergang van onze leefstijl inluiden. Jongeren die nog geen idee hebben van de werkelijkheid maken de leefbaarheid in ons land nog moeilijker met hun spijbelmarsen. Bomen die ons van voldoende zuurstof voorzien, worden massaal gekapt voor biomassa. Brandstof voor ons vervoer wordt onbetaalbaar, maar wie realiseert zich dat het nou juist vaak de autorijders zijn die werken en dus belasting betalen. Als het straks niet meer te betalen is, dan wordt er niet meer gewerkt, komt er geen belastinggeld binnen, en dan?
En als je dan de verantwoordelijke aanspreekt over al die ongelijkheid, dan word je afgescheept met nietszeggende voorgekauwde praatjes.
Zoveel mensen, zoveel meningen. Er wordt ons heel veel aangepraat. Oplossingen door zelfbenoemde klimaatkenners kosten de gemeenschap zoveel geld dat het gewoon niet te betalen is. Terwijl met een paar maatregelen al een stap in de goede richting kan worden gezet.
De jeugd die zo nodig wil klimaatspijbelen moet zichzelf maar eens langdurig in de spiegel kijken. Want zij zijn mede de oorzaak van het overbodige afval. De koopzieke mens wil een hele hoop, maar er niet veel voor betalen. En dus wordt goedkope troep uit China en dergelijke landen in dikke lagen plastic hier naartoe gevlogen. Als je echt klimaatbewust wilt zijn, denk dan eens goed na waar je je spullen koopt. Maar niet alleen dat, veel van de jeugd denkt dat alles maar gratis is, dat het in de berm gooien van afval niet hun pakkie aan is. Dat het achterlaten van onnoemelijk veel troep op het festivalterrein vanzelf wordt opgeruimd. Ze zouden zich eens moeten realiseren hoeveel dat kost, en dat het toch echt uit de portemonnee van hun ouders betaald moet worden. Je kan er natuurlijk ook voor kiezen om een telefoon te kopen die iets langer dan 2 jaar meegaat, en die gewoon gerepareerd kan worden als er iets stuk gaat, in plaats van een goedkope wegwerptelefoon.
Dus voordat de jeugd zich gek laat maken voor het behoud van het milieu moeten ze eerst maar eens leren hoeveel geld alles kost.
Terwijl de volwassenen hun kinderen beter horen op te voeden, zullen zij toch ook echt eens naar hun eigen houding moeten kijken. Kinderen zijn prima in staat om zelf naar school te wandelen of te fietsen. Dat Hollandse regenbuitje kunnen ze echt wel tegen. En op de fiets naar de sportschool levert fysiek gezien meer op dan er met de auto naar toe rijden. Dat onsje worst bij de slager hoeft echt niet op een plastic schoteltje, met tussen elke 2 plakjes worst een plastic velletje, in een plastic zakje, en vervolgens in een plastic tas mee naar huis. En die groenten hoeven ook echt niet allemaal apart verpakt in een plastic zakje. Of het brood van de bakker, dat kan best in een papieren zak.
Plastic helemaal uitbannen? Nee natuurlijk niet, er zijn voldoende toepassingen die echt een verrijking kunnen zijn.
De overheid moet een betere manier verzinnen om al het overbodige afval op een goede en betaalbare manier te verwerken. Met het recyclen in ons land lopen we ver voorop maar het kan altijd beter. Nog steeds wordt afval bij elkaar gegooid en doet zo de inspanningen van het gescheiden afval verzamelen te niet. Het ouderwetse ‘eens in de zoveel tijd’ ophalen van huisraad is in vele gemeenten wegens geldgebrek stopgezet. Terwijl het voor het milieu zo vele malen beter zou zijn als dat weer in ere werd hersteld. Beter 1 vrachtwagen in de week die zijn rondje rijdt, dan 100 auto’s per dag die naar de gemeentereiniging moeten rijden om daar 1 of 2 afgedankte artikelen af te geven. Dus als het de overheid echt menens is om iets voor het klimaat te doen, zal het eerst goed moeten nadenken over dit soort kostenbesparingen. Kostenbesparingen die misschien op korte termijn goed zijn geweest voor de begroting van de gemeenten maar op de lange termijn ons veel meer gaan kosten.
Oh er zijn zoveel voorbeelden te verzinnen om dit klimaatakkoord naar de prullenbak te verwijzen en het gezonde verstand te laten prevaleren. Kijk eens in de spiegel en zoek naar je eigen mogelijkheden.
Ik stap vanmorgen bij de supermarkt mijn auto weer in en slaak een diepe zucht. Hè, hè, klaar met de boodschappen en alle kadootjes zijn ook binnen.
Met het dichtslaan van het portier valt het kadootje voor mijn schoondochter van de achterbank af in honderd stukjes. Een heerlijke geur komt mij tegemoet. Jammer Patty, daar ging jouw kadootje.
Gauw de doos van het kadootje van mijn jongste kleindochter gepakt en alle glasscherven in de plastic opbergbak gestopt. Sorry Esmee, daar ging jouw kadootje.
Omdat het een kleverige boel was geworden heb ik het kadootje voor mijn zoon snel uitgepakt en met een prachtige nieuwe handdoek de boel een beetje opgedept. Spijtig voor jou Joey, maar daar ging jouw kadootje.
Het was een heerlijk geurende bende alles bij elkaar en ik heb het kadootje voor mijn andere schoondochter ook maar uitgepakt en alle troep in het dekbedhoes gewikkeld. Super verdrietig voor Natalie, maar daar ging jouw kadootje.
Een beetje verdrietig en boos sloeg ik het portier nogmaals hard dicht en jawel hoor, daar ging het kadootje voor zoon nummer 2 de bank af. Heel sneu voor Danny, want daar ging jouw kadootje.
Misselijk van de 2 verschillende geuren en met tranen die net niet uit mijn ogen stroomden van frustratie heb ik het kadootje voor mijn man uitgepakt, een heerlijk dikke trui, want ik stond inmiddels te bibberen van de kou. Sorry Nico, daar ging jouw kadootje.
Als laatste heb ik het kadootje voor mijn tweede kleindochter uitgepakt en heb de hele zooi ingepakt met stukjes papier, tape en versieringen. Sorry Celina, daar ging jouw kadootje.
Nu ligt er een grote berg onder de kerstboom, de geur van alcohol en parfum komt je tegemoet. Prettige kerstfeest jongens. Ik ga maar naar bed. Daar kan tenminste niets fout gaan. 😦
Ik begeef mij zo nu en dan in de wereld van twitter. Wow, wat kunnen sommige mensen schelden zeg. En wat kunnen heel veel mensen slecht schrijven. In het fenomeen twitter kan je je lekker, en redelijk anoniem uitleven. En wat is er nu heerlijker dan even flink ranten op iemand of een onderwerp. Ik doe er zelf net zo gemakkelijk aan mee. Heerlijk even kort in 280 tekens laten merken dat je het ergens niet mee eens bent. Of wel, dat kan natuurlijk ook.
En dan na een paar dagen ranten ga je bij jezelf te rade. Schiet je er nou iets mee op. Lucht het je op. Heeft het toegevoegde waarde, of sowieso waarde. Wordt er iemand wijzer van mijn commentaar. Is er wel iemand die het leest. Blijft er iets van hangen bij anderen. Doe je het wel voor jezelf.
7 vragen, 5 x keer nee en 2 x ja.
Dan komt de hamvraag: ga ik hiermee door. Laat ik mezelf opfokken door mensen die geen idee hebben waarover ze praten (schrijven). Laat ik mezelf verleiden tot het maken van dezelfde soort opmerkingen waar ik me eigenlijk aan erger. Hoe lang kan ik de nog neiging onderdrukken om een stuk zeep te plaatsen onder elke topic waar scheldwoorden in voorkomen. Hoe lang zal het duren voordat ik dan zelf nijdig achter de computer kruip om links en rechts iedereen om zijn oren te slaan. Is het iets waard.
NEE, NEE, NEE In het tijdperk van 45 seconden twitterfame is het de moeite en de stress niet waard.
Betekent het dan dat ik meningloos ben? Welnee, maar soms mag je een mening best voor jezelf houden. En als je het dan echt niet kan laten, dan zijn er wel betere media om een daadwerkelijk goed onderbouwde mening te uiten.
Ik ben van de zomer op vakantie geweest in het kleine dorp Oranje en was verbaasd over de hoeveelheid mensen op een kluitje. Dát kan niet. Ze vervelen zich te pletter. Er is niet veel te doen. Als ik de hele dag niets om handen zou hebben, zou ik waarschijnlijk ook boos worden. We kunnen de verantwoordelijkheid van 1400 vluchtelingen niet op de schouders van 140 inwoners leggen. Verdeel alle vluchtelingen over 393 gemeentes: een paar gezinnen en vrijgezellen per dorp en meerdere over de grote steden en het probleem lost zich vanzelf op. Volgens een hele simpele berekening kunnen we zonder meer 80.000 mannen, vrouwen en kinderen plaatsen. Want ga me nu niet vertellen dat steden als Amsterdam of Rotterdam niet in staat zijn om 80 gezinnen en 80 vrijgezellen te herbergen. En in elk dorp staat er wel een huisje leeg. In elk dorp is er wel een slager of bakker die wat hulp kan gebruiken. Al kan hij maar een loopjongen een paar centjes laten verdienen. Er zijn vele scholen die op het punt staan gesloten te worden vanwege te weinig leerlingen, die kinderen kunnen we daar toch gemakkelijk bij plaatsen? En als er dan toch nog te weinig kinderen zijn om de school te vullen dan kunnen onze leraren al die vluchtelingen toch wel Nederlandse taalles geven?
Is dat nou zoooooo moeilijk.
Het Nederlandse volk wil niet egoïstisch zijn, maar een eerlijke verdeling van alle rijkdommen (lees hier ook maar vrijheid). Ja, we realiseren ons heus wel dat een land regeren niet eenvoudig is. Soms moet je keuzes maken die niet iedereen leuk vindt. Maar het is nu wel heel erg scheef getrokken.
We hebben de regering niet aangesteld om schulden te maken, dus zorgvuldig omgaan met de beschikbare middelen is een eerste zorg. En ik geef liever een beetje geld aan die vluchteling die alles verloren heeft, dan zovele miljoenen voor een militaire actie elders in de wereld.
Is mijn verhaal zwart/wit? Natuurlijk, maar ik moet toch ergens beginnen.
Er zijn niet veel mensen meer die het zich kunnen herinneren, maar tijdens de Tweede Wereldoorlog was Nederland ook verdeeld in 3 kampen.
Er was een deel dat zich niet zomaar bij de ‘veroveraar’ neerlegde en zij vochten terug. Waren dat de stoere mannen en vrouwen die het beste voorhadden met ons moederland? Misschien. We blijven ze uiterst dankbaar dat ze het op z’n minst hebben geprobeerd.
En velen gingen dood
Er was een deel dat zich apathisch terugtrok en ‘op hoop van zege’ afwachtte. Waren dat de angsthazen? Welnee, dat waren de gewone mannen en vrouwen die geen andere uitweg hadden dan te blijven. En de meesten gingen gewoon door met het dagelijkse leven. De bakker bakte zijn brood, de boer molk zijn koeien.
En velen gingen dood
Er was een deel dat vluchtte naar overzees land. Waren al die Nederlandse vluchters die naar Canada vertrokken gelukszoekers? Welnee, dat waren gewoon hardwerkende Hollanders. Zij hadden het geluk dat ze genoeg geld hadden gespaard voor die lange en dure overtocht. Kwamen zij allemaal terug nadat de oorlog was afgelopen? Welnee, velen bleven en hebben een bestaan elders opgebouwd. Vonden de Canadezen dat erg? Welnee, die waren allang blij dat er zoveel hardwerkende mensen bijkwamen.
Waarom zij wij dan nu zo achterdochtig over de stroom van vluchtelingen die Europa binnenkomen? Waar komt het idee vandaan dat alle Syriërs arme mensen zijn? Syrië was een redelijk welvarend land voordat de burgeroorlog uitbrak. Ze hadden huizen, werk en net zo makkelijk toegang tot internet als wij. Zijn wij zo verwend dat we onze rijkdom (lees vrijheid) niet durven te delen? Zijn wij ineens zo afgestompt dat wij niet meer open staan voor andersdenkenden? Nederlanders staan erom bekend dat zij geen vooroordelen hebben en tolerant zijn. Is dat zomaar veranderd? Natuurlijk zullen er rotte appels zitten onder de stroom van vluchtelingen. Maar ach: hoeveel rotte appels kunnen we onder de Hollanders tellen?
Dus voordat je oordeelt over de vluchtelingen, vraag jezelf eens af of jij de moed zou hebben om te vechten tegen een extreem regime of tegen een extreme geloofsovertuiging.
En je gaat dood
Of zou je apathisch in een hoekje kruipen en hopen dat het snel over zal gaan.
En je gaat dood
Of misschien zou jij wel een van die mensen zijn die huis en haard (oh nee, dat heb je niet meer, dat is allang kapotgeschoten) verlaten en vluchten naar een betere plaats.
Het gaat er niet om of de vluchtelingen welkom zijn of niet. Want we voelen allemaal met ze mee. We moeten een oplossing zien te vinden om al die mensen onderdak te geven. Een boterham om te eten en de mogelijkheid die boterham zelf te verdienen. Honderden steuntrekkende Hollanders vertikten het om in de kassenbouw te werken, misschien zijn er wel honderden vluchtelingen die hun hart en ziel zouden willen geven voor een baantje. En hoe we dat moeten bekostigen? Gewoon de steun intrekken van die Hollanders die geen zin hadden om hun handen uit de mouwen te steken.
Is dit een zwart/wit verhaal? Natuurlijk, maar ik moet toch ergens beginnen. Er zijn 393 gemeenten in Nederland, als we in elk dorp en in elke stad nu een klein beetje ruimte maken, dan komen we er wel. En weet je, het is veel gemakkelijker om voor een paar gezinnen te zorgen, dan honderden mensen op een kluitje in de gaten te houden.
Maar wat … maar wat … En dan komen de opmerkingen en de vragen. Maar wat … Maar wat …
Als de rust is weergekeerd zullen velen terug naar huis gaan, omdat hun familie dáár is, hun hart dáár is. En langzaam aan zullen de littekens helen, de bitterzoete herinneringen aan Holland vervagen.
Tenzij ze het gevoel hebben ook dáár niet meer thuis te zijn, dan blijven ze uit noodzaak hier. En dan zullen ze hier een nieuw leven opbouwen.
En alle vluchtelingen uit zogenoemde ‘veilige’ landen dan?
Kan jij van een afstandje zien hoe goed of slecht zij het hebben gehad in hun eigen land? Weet jij zeker dat ze niet vervolgd werden om hun geloof of om hun geaardheid? Ben je ervan overtuigd dat de medewerkers die dit moeten toetsen een kristallen bol hebben?
Ja, ja, alle economische vluchtelingen moeten zo snel mogelijk terug naar huis. Daar heb je deels gelijk in. Maar als die vluchteling hier nu eens een opleiding kan volgen, zodat hij ‘beter wetend’ terug kan keren naar zijn land om daar de boel op orde te brengen. Zijn we dan niet uiteindelijk beter af?
De tijdelijke maatregelen die we treffen voor al deze vluchtelingen moeten gericht zijn op educatie. Niet persé de Nederlandse taal of strikte inburgeringscursus in Nederland, maar gewoon algemene scholing. Scholing voor de vrouwen zodat zijn onafhankelijk kunnen zijn, hun land weer kunnen opbouwen, en het vertrouwen hebben dat zij net zoveel waard zijn als de mannen. Scholing voor de mannen zodat zij met hun eigen handen hun land weer kunnen opbouwen in de wetenschap dat de vrouwen achter hen staan als sterke vrouw en niet als slaaf. Stuur ze verplicht naar school. Houdt daar toezicht op.
Dan hebben we geen privébussen nodig om het tuig van A naar B te brengen.
Want wat we niet moeten doen is het zomaar klakkeloos accepteren dat zij ‘niet beter weten’. Als ze in hun eigen land zoveel rotzooi zouden trappen, dan hadden ze allang vastgezeten. Hier zouden we het ook niet mogen toleren. Elk land heeft zijn regels.
Een menswaardig bestaan is wel het minste wat we de vluchtelingen in de tussentijd kunnen geven. Echter voor niets gaat de zon op. Ook zij moeten de wil tonen om te werken voor hun bestaan. Geef ze die gelegenheid.